Ik heb het jaren gedaan: mijn kaarten tegen de borst houden.
Mensen die me nog niet zo heel lang kennen geloven mij misschien niet, maar tot ‘pak hem beet’ 15 jaar geleden zorgde ik stevig voor onzichtbaarheid. Haast kleurloos. Ik had wel gedachten of een visie, maar ik luisterde vooral naar anderen. En ik knikte dan, of hield me wijselijk stil.
Dat is gelukkig veranderd. Ik schaam me minder en voel me vrij. Ik hoop niet stellig te zijn, maar in mijn uiting wel stevig en vooral niet bang. Want bang, heb ik ontdekt, dat hoef ik niet te zijn. Ik heb -behalve relaties- niet veel te verliezen. En mijn relaties waarderen me toch wel, ook al denk ik anders, maak ik een fout of zeg ik iets doms. Ik zal niet de laatste zijn die dat zal toegeven. Wat hierin geholpen heeft zijn mijn behandelingen tegen kanker. Kanker heeft me een steuntje in de rug gegeven. Want als je dichtbij de dood komt besef je óók wat je níét kunt verliezen.
Toen ik deze week de verkiezingsposter voor mijn raam hing, herinnerde ik mij de periode in mijn leven dat ik dát niet durfde. Openlijk tonen waar ik voor sta. Normen en waarden die ik hoog acht. Ik schaamde me ervoor, niet voor mijn waarden en normen, maar voor ‘mijn links’ zijn. Maar toen Barbara op één van de socials vroeg: ‘Wie heeft er een verkiezingsposter voor het raam gehangen?’ voelde ik zelfs de moed om te ‘roepen’:
‘Ik! En ik schaam me er niet voor.’
Het zette mij aan het denken. Ben ik de enige die de afgelopen decennia haar links-georiënteerd-zijn wat meer verborgen hield? Ik dacht ook aan de VVD van Rutte, een partij die zich openlijk toonde op iedere hoek van de straat. Met flair en trots. Bekende, of zogenoemde belangrijke mensen, succesvolle zakenlui, vooral rijken, riepen krachtig dat zij de VVD identiteit bezaten. Zonder schaamte. Recht voor de raap. En ik zag dat mensen, ook minder bedeelden, daar graag bij wilden horen. Linkse critici zouden het zelfingenomenheid kunnen noemen, maar volgens mij is die kritiek afgunst van links en gaat het over zelfvertrouwen. En met zelfvertrouwen, mits gecombineerd met stevige zelfreflectie, is niks mis. Helaas, die zelfreflectie mis ik grotendeels bij VVD politici. En totaal bij bij populisten en rechts-extremisten.
Ik wil het hier niet over partijprogramma’s hebben, niet over ethische of politiek bestuurlijke keuzes. Ook wil ik geen stem-advies geven, maar wel aandacht vragen over de stijl waarmee je je boodschap kunt uitdragen. Ik pleit voor minder schaamte op links, voor meer ‘fierheid’ met een kleine homeopathische hoeveelheid ‘trots’. En moedig daarom graag aan:
Hang die verkiezingsposter voor je ramen!
Beken kleur, vooral als je links bent, want wat heb je te verliezen?
Ik kijk nog eens naar ons raam. Daar hangt ‘Partij voor de Dieren’ met een foto van Esther Ouwehand. Haar blik omhoog, vol zelfvertrouwen richting de toekomst en om haar mond een zachte glimlach. Mijn stem gaat op 29 oktober naar de kwetsbaren, de minderheden in onze samenleving en in de wereld. Ik stem voor hen die geen stem hebben. Ik voel me blij dat ik in een democratisch land leef waar ik mag stemmen. Openlijk, fier, zo links als wat!