Omdat ik mezelf niet belangrijk wilde maken,
mezelf niet belangrijk vond,
dacht ik dat het niet belangrijk was.
Tot ik begreep dat het nooit om mijn onbelangrijkheid ging.
Ineens voelde ik hoe het voor de ander is:
Belangrijk om gezien te worden.
Ja.
Ook door mij.
Door mijzelf onbetekenend te maken, maakte ik de ander onbetekenend. En de relatie mager, haast onbelangrijk. Terwijl het dat voor mij natuurlijk niet was. Het doet me verdriet om dit met terugwerkende kracht te voelen.
Nu ik al jaren vrij ga voor mijn zijn en mijn betekenis, ook in het leven van de ander, voor de ander, voelt het vol. Compleet goed. Niet meer bang, maar met lef en moed present zijn. Met warmte in mijn ogen de ander zien. Voelen in mijn hart en vrij zijn tot verbondenheid. Met enig risico, maar die kan ik dragen. In liefde, met liefde, voor de ander en ook voor mijzelf.
