In mij woont een clown. Niet van het soort wat je kent uit het circus, en zeker niet als dat van Bassie en Adriaan. Mijn clown hoeft geen smink of gekke kleren. Nee, het is een kant in mij die houdt van klein, verwonderen en vrij zijn.
Mijn innerlijke clown is niet gek en doet niet gek. Het hoeft niet grappig, sterker: het moet zelfs niet grappig. Maar ze houdt wel van plezier maken. Plezier zonder rem van schaamte.
Mijn innerlijke clown speelt graag met mijn innerlijk kind. Samen doen ze gewoon waartoe ze zich uitgenodigd voelen. Wanneer zij er samen zijn is mijn innerlijke criticus stil. Echt! Hij is gewoon met stomheid geslagen. Geen zelfkritiek of wijzen naar wat anderen er van vinden. Mijn ratio en analyticus maken ruimte, zo dat ik vrij kan spelen zonder drang van mijn pusher of perfectionist.
In de licht en luchtigheid van mijn clown ontstaat altijd iets zonder denken, als een liefdevolle impuls die ik mag volgen. Het is fijn als er in mijn leven momenten voor mijn innerlijke clown mogen zijn.

(Geschreven nav workshop ‘Clownerie’ van Ingrid Witting van Pinto)